11-7 Łeba

Gisteren deed ik gewoon boodschappen bij de Aldi, een enorme supermarkt maar met nog minder aanbod aan levensmiddelen dan de gemiddelde buurtsuper hier. Enfin, dan maar weer gyoza gevuld met groente, paprika en uitgebakken spekjes met yoghurt toe. Het was ronduit koud gisteravond, zonder zon en met een stevige noordenwind kwam het niet boven de 14 graden uit. Mayke belde nog met enthousiaste verhalen over haar onderzoek naar Afrikaanse handelaren in China. Morgen komt er een orkaan over Sjanghai waar ze op de campus van de universiteit verblijft, ik ben benieuwd. 

Vanmorgen ben ik om half vijf al wakker, het is licht, de duiven zitten luidruchtig te koeren in de bomen en boven de camping cirkelen woedend krijsende meeuwen. Waar halen die beesten de energie toch vandaan om zoveel herrie te maken? En wat is de zin ervan? Ik dacht altijd dat alles in de natuur een doel heeft, maar voor dat gekrijs kan ik geen zinnig doel bedenken. 

Het eerste deel van de rit gaat door een prachtig natuurgebied, het Slowinski nationaal park. Ik betaal 10 zloty entree en mag dan netjes op de paden blijven. Het is volmaakt stil hier, op het ruisen van de bladeren en het geluid van de zee achter de duinen na. Als ik het park uitkom, gaat de weg over in een karrespoor van onregelmatig gelegde betonblokken, de kunst is om zoveel mogelijk in de berm te blijven, dan kun je nog een beetje doorfietsen, anders stuiter je op en neer en wordt je gedwongen om stapvoets te rijden. Maar aan het einde van het spoor is er zowaar koffie. 

Het valt niet mee om een beetje contact te krijgen met Polen, de mensen van mijn leeftijd spreken drie woorden Duits en dat is het. Zo ook hier bij de koffie, een echtpaar waarvan de man hele verhalen in het Pools afsteekt en wijst op mijn fiets, ik sta maar een beetje te grijnzen en zijn vrouw trekt een gezicht van, dat is mijn man weer, die zo nodig de aandacht moet trekken van die buitenlander. 

In Kluki bezoek ik het openluchtmuseum. In dit gebied woonde vroeger een Duitstalige minderheid met een eigen taal en klederdracht. Ze hebben een aantal boerderijen nagebouwd en je kunt een beetje over het terrein wandelen en hier en daar naar binnen kijken. Het is binnen weliswaar ingericht, maar omdat er (historisch geheel juist) geen elektrische verlichting is aangebracht, is het moeilijk om er iets van te zien. Het heeft wel een grappig sfeertje en doet me denken aan de Erve Kots in de Achterhoek, waar wij in de jaren zestig regelmatig naar toe gingen als we daar met mijn ouders op vakantie waren. 

Na Kluki wordt je geacht over een wandelpad door de wetlands te fietsen. Dat gaat even goed maar als snel zit het pad zo vol met blubberkuilen, dat er niks anders op zit dan af te stappen en te lopen. Gelukkig is het pad maar een paar kilometer lang, waarna er weer een verharding met betonblokken is gemaakt. Maar om dat te bereiken moet je eerst nog door een beekje waden, dus schoenen uit, broekspijpen opgerold en daar ga ik. Na nog een kilometer is er een splitsing, rechtdoor is het nog 27 kilometer, linksaf nog 22 kilometer naar Łeba. Natuurlijk sla ik linksaf, maar na 50 meter keer ik weer om, het is een totaal dichtgegroeid pad met nog meer modder, zonder klewang kom je hier niet doorheen. Dan maar omfietsen over de betonblokken terwijl mijn nieren langzaam in mijn bekken zakken. En zo hotsebots ik langzaam richting camping Marco Polo.

Afstand: 70 kilometer

Tijd: 5:30