
Gisterenmiddag ging ik nog even het centrum van Ventspils in, je kon zien dat het vroeger een rijke stad is geweest. Grote houten huizen in enorme tuinen aan de zeezijde van de stad en betonnen flats van na de oorlog aan de andere kant van het centrum.

Uiteindelijk at ik gewoon op de camping het dagmenu voor 7 euro, twee braadworsten met gebakken aardappelen, biet en tomatensla en een romig toetje met vers fruit in een sorbetglas.

Als ik opsta is het bewolkt en het motregent een beetje. Het zou toch droog blijven vandaag? Als ik mijn Finse meteoapp bekijke, valt er geen regen van betekenis. Maar kijk ik op de buienradar, dan zit ik nu midden in noodweer. Ik denk eigenlijk dat die buienradar vooral goed is in Nederlandse buien.


Nou ja, fietsen moet ik toch en uiteindelijk valt er gedurende de hele dag een enkel druppeltje, maar niet genoeg om een jas voor aan te trekken.

De weg is ongelooflijk saai, het is één lange asfaltweg met links bomen en rechts bomen. en er is helemaal niets te zien en al helemaal geen koffie. Maar na 35 kilometer is er een afslag naar een bezienswaardigheid. Je kunt een oude Russische radarinstallatie bekijken, maar dat blijkt een rondleiding in het Lets in te houden, waar ik niet zoveel zin in heb. De weg er naar de installatie is trouwens interessant genoeg, want je komt langs een aantal half gesloopte flats waar vroeger het Russische personeel woonde. Nu zou het een decor voor een film kunnen zijn, schurk vestigt zenuwcentrum van het kwaad in half vergane nederzetting.

Dan is er weer 35 kilometer helemaal niks, behalve af en toe een afslag naar een bosweg. Daar stop ik een enkele keer voor een boterham die ik rondjes lopend opeet, terwijl de muggen en steekvliegen in hun pootjes wrijven bij deze buitenkans. Je moet hier blijven bewegen, anders ga je er aan.
Na nog eens 35 kilometer staat er een bord met café 1 kilometer bij de afslag naar Mazirbe. En inderdaad zeg, er is een groot grasveld met een tent en tafels. En insectenvrij! De eigenaar begint enthousiast te zwaaien als hij me aan ziet komen, helemaal blij met een klant. Ik bestel koffie en neem een schoteltje van haring met aardappel en ei. We beginnen over de veranderende tijden en ik leer weer wat. Er blijkt een ranking van paspoorten te bestaan, the Henley Passport Index, en het Letse staat op een gedeelde 7e plaats (het Nederlandse staat trouwens op 4). En dan begint hij over de Russische bevolking in Letland, 40% van de inwoners is van Russische origine. En dan zeggen ze dat ze Letten zijn, zegt hij verontwaardigd, maar dat zijn ze niet! Ze krijgen mooi geen Lets paspoort, daarvoor moet je een basiskennis hebben van de Letse taal en dat weigeren ze te leren, volgens hem. Nou ja, de kinderen leren natuurlijk Lets op school, dus het probleem sterft vanzelf uit, zegt hij. Ik help het hem hopen, want deze achterstand is voor Poetin een belangrijk argument om de Baltische staten opnieuw te bezetten, het Russische volksdeel moet ‘gered’ worden.

Omdat ik de grote weg zat ben, neem ik een stuk de parallelweg door het bos. Maar na drie kilometer geloof ik het wel, het is allemaal zand en kuilen. Dan maar weer naar de asfaltbaan. Na nog 12 kilometer arriveer ik bij Kaap Kolka, waar de kust een scherpe draai naar het zuiden maakt richting Riga.

In Kolka is mijn hotel, een restaurant met wat kamers erboven. Cash afrekenen graag.
Afstand: 92 kilometer
Tijd: 6:10